Vaarwel Den Haag

6. jul, 2017

Ik ga verkassen. Weg uit Den Haag. In 2001 vanuit een precaire situatie na een verblijf in respectievelijk Zoetermeer en Wassenaar - dan wil je wel terug komen - in Den Haag teruggekeerd. De eerste twintig jaar opgegroeid in de enclave Vogelwijk achter de duinen. Een oom van me vroeg of zo'n Hagenees wel in Zwolle - want daar ga ik naar toe - zou kunnen aarden.

Ik heb me nooit een Hagenees gevoeld. Een Hagenaar, dat wel. U kunt dat een statuskwestietje noemen, maar ik groeide op in de Vogelwijk. Een zeker niveau en rust gewend, verlang ik nu weer terug naar zo'n omgeving. Den Haag wordt er niet gezelliger op. Ieder leeg vlakje wordt vol gemept met woningen. Files staan er tegenwoordig ook in de stad. Afgelopen november ben ik me lam geschrokken toen ik "even" met zekere spoed met een taxi van waar ik woon in de Van Speijkstraat naar het Leyenburg ziekenhuis - pardon - Haga Haaglanden wat zo nog wat, zo heet die flauwekul tegenwoordig, maar ik zeg gewoon nog: Leyenburg ziekenhuis (en daarmee basta). Die taxirit dus. Drie kwartier zeker over dit lullige stukje gedaan, in complete files verdwalend onderweg. Waanzin. Het continue geraas van verkeer en motoren op de Waldeck Pyrmontkade en ieder jaar daar de rij auto's wachtend (als men al wacht) voor het stoplicht. Dat fijne parkeren bij je in de straat en altijd exclusief bij jou op de stoep..

Nu moet u weten: ik heb hier in Den Haag sinds 2001 dus 16 jaar alweer gewoond, eerst op de Van Boetzelaerlaan, daarna op de Van Speijkstraat en zeker 7 of 9 daarvan op de huidige stek met groot plezier. Het Zeeheldenkwartier is zeker niet de vervelendste buurt om in Den Haag te wonen. Maar ja: geen tuin of balkon. Bloedheet in de zomer als de zon ook maar even zijn best doet. Geen enkele verkoeling in de betonklomp die Den Haag verworden is. En dat malle geparkeer voor de deur. Afgelopen november parkeerde er een busje bij ons voor de deur. Zei ik wat van. Is de eigenaar van dat busje terug gekomen met een snoeischaar en koppensnelde de jasmijn van de grond af voor de deur. Zo'n buurt weet je wel.. Je hoort er bij als je je bek maar houdt en we zien alles maar het liefst niet te veel van elkaar, bang om wat te zeggen.
Tja, en dan komt men mij tegen op zijn weg..

Zwolle dus. Waarom Zwolle? Een huis voor minimaal een ton minder dan wat je daarvoor zou neerleggen hier. Een ruime tuin van 10 bij 12, vooral dát. Voor het huis een plein met keuze uit tientallen - vrije vaak - parkeerplaatsen in een vak. Weg van al die infantiele Madurodam vuurtorens uit de straat die markeren waar niet geparkeerd mag worden (en vrolijk wel gedaan wordt). De huizen zijn laag - googelt u maar eens op Pepermuntweg Zwolle - je ziet de hemel weer eens, en niet de respectievelijk dikke overbuurvrouw of de nieuwe overburen in haar plaats met pistolen op de rug van een T-shirt en de peuken en sigaretdoosje verpakking op straat keilend vanaf één hoog. De vogels van de Vreugderijkerwaard vliegen boven het huis. Het Salland dichtbij, het Zwarte Water, het coulissenlandschap, de Drentse heidevelden en kraanvogels in Duitsland dichtbij. Het schitterende Ootmarsum.. Teveel om op te noemen.. Niet langer op zondag in ganzenpas door het Westduinpark. Niet meer dat gePeterSagan tegen je aan, op de fiets naar Hoek van Holland. Den Haag de ambitie om 50.000 - 70.000 inwoners erbij te willen krijgen tot 2040? Met al een half miljoen mensen nu? Het zal wel: wij passen. Den Haag maakt de vergissing aan één kant de zee te hebben waardoor het zichzelf verstikt.

Ook blij eens een plek voor jezelf te hebben nu. Weg van dat schoorsteenbedrijf om ons heen, waarbij we ons altijd als een zeurende rotte kies omheen gelardeerd voelden. Leuk hoor, die bedrijven in een wijk, maar hebben we daar al tientallen jaren niet goed geoutilleerde vaak leegstaande bedrijfsterreinen voor? Die malligheid hoort niet in een woonwijk. De garages links en rechts van het huis waren overigens vroeger kolenopslag schuren. Er werd - en hier en daar vermoed ik nog - goed hout en kolen gestookt, en zo was de opslag in de wijk geregeld. Daarna schijnt er nog een bakker in gezeten te hebben voordat eind jaren zeventig een schoorsteenbedrijf zijn intrede deed.

De belangrijkste reden om weg te gaan is echter, dat we niet meer de zorg over mijn vader hebben, die in februari is overleden. Als je op je 31ste in je geboortestad terug keert heb je geen binding meer met vrienden van 10 jaar daarvoor. Den Haag werd steeds gezelliger, maar tussen mij en Den Haag wilde het maar niet gezelliger worden, zogezegd. Het is een levensfase waarbinnen iedereen zich weer verspreidt. Daarbuiten merk ik dat het contact vooral bestaat - een enkele uitzondering daargelaten - met mensen 'op afstand' welke niet in Den Haag wonen, ja, vaak ook uit het westen vetrokken zijn.

Ik sluit me bij de oostgangers aan. Naast alle andere zaken die er in de wereld gebeuren, ga ik u van mijn inburgering aldaar ook op de hoogte houden.

Den Haag, met ieder voor zich, en vooral niet teveel tekst voor elkaar: het is mooi geweest. Ik keer niet weder.

Ik vertrek: dit keer: voorgoed. Op naar het noabuurschap!