4. mrt, 2016

Nu nog langer..

Kan het weer Hollandser ? Oorzaak en gevolg weer precies omdraaien. Vooral deze intrigerende zin - waar men gerust een dag op kan kauwen: 'Uit onderzoek blijkt dat het aantal bestuurders dat door rood rijdt afneemt als ze bij oranje iets meer tijd krijgen'. Dus als we iets meer tijd krijgen, ongeredageert wat, gaan we het gewenste gedrag vertonen in Nederland. Het is een moedeloos makende insteek die keer op keer weer opgeld doet.

De geeltijd (woord van 2016 ?) is te kort, en wordt dus een halve seconde verlengd omdat mensen anders door rood blijven rijden. Boeiende constatering. Nu maar eens even een geval uit de praktijk. Den Haag. Kruispunt Laan van Meerdervoort/Waldeck Pyrmontkade/Emmakade. Stoplicht springt van groen naar oranje. Men rijdt rustig door, want oranje wordt niet gezien als voorportaal van het rood maar als het verlengde van groen. Oranje springt naar rood. Dan wél eindelijk het signaal voor de bestuurder om strak af te remmen ? De eerste seconden nog steeds niet. Als het stoplicht op rood staat en men ziet het van 50 meter afstand op rood springen neemt men nog steeds de gok. Ik hoop dan altijd - ja, het klopt niet, ik geef het toe - dat zo iemand genadeloos door een vrachtwagen wordt aangereden en de rest van zijn leven nadenkt over die Gouden Twee Seconden tijdswinst. Waarbij we natuurlijk gewoon twee seconden eerder met zijn alleen voor het volgende stoplicht voor rood zitten te wachten, maar die wijsheid ringt bij niemand nog door, want we hebben Altijd Haast (waarmee ? voor wat ?) en daar wijkt alles voor.

Dit gedrag wordt nu beloond met Lekker Lang Oranje. Overgangsregeling. Gedoogbeleid. Ik zeg: het oranje intermezzo moet Korter. Niet Langer. Twee seconden is zat. En dan gewoon Rood. Bij door rood rijden € 1.000 boete. Automatisch af te schrijven door het CJIB. Eens kijken hoe snel men dan afleert om door rood te rijden.

Dan maar eens wat minder - daar hebben we d at woord weer - comfortabel. Wat minder lui. Wat meer op je omgeving gericht. Lijkt me heel gezond en noodzakelijk. Niet almaar méér, maar eens een keer wat mínder. Heel gezond. En wie niet wil, die moet dan maar eens stevig voelen. Ook heel normaal. We zijn immers prat op de naleving bij een ander, maar krijgen op de een of andere manier dit soort fratsen voor onszelf wél gedaan.

Bijzondere onderzoeksvraag moet dat zijn geweest aan bureau Goudappel Coffeng. Te beginnen: wie verzint zo iets ? En hoeveel geld is er weer mee gemoeid geweest. Zo'n bureau lacht zich ondertussen dood, want die verkopen nog de duvel en hun ouwe moer als het maar schuift. Kortom: eens wat minder van dit soort volstrekt overbodige en geldverkwistende opdrachten, óók, graag. Dan schieten we pas echt op.